Meer verdieping op het gebied van geschiedenis? Kijk op NPOFocus.nl
↳ Enter om te zoeken
23 november 2006

De Avond van de Bom

Avond van de bom
Bekijk Video
83 min

Hiroshima

Met het gooien van Little Boy op Hiroshima (6 augustus 1945) en Fat Man op Nagasaki (9 augustus 1945) gebruiken de Amerikanen voor het eerst een kernwapen in oorlogstijd. Door deze uitvindingen kan het dreigement van een zeer destructieve aanval waar gemaakt worden. De verschillende bombardementen gedurende de jaren daarvoor hadden al heel wat slachtoffers gekost, het aantal slachtoffers bij het bombardement op Dresden bedroeg ruim 35.000, maar de vernietiging van de twee atoombommen was ongekend. Er vielen in eerste instantie al ruim honderdduizend doden, maar dit aantal liep gedurende dat jaar enorm op en door de grote hoeveelheid radioactiviteit die vrijkwam stierven nog jarenlang mensen aan de gevolgen van de kernbommen.
Japan geeft zich direct over en daarmee luiden Little Boy en Fat Man het eind van de Tweede Wereldoorlog in. Maar er is meer. De grootschalige destructie die werd aangericht is ongekend en veroorzaakt angst en een enorm ontzag voor de makers van dit nieuwe oorlogswapen. En dit laatste was ook de bedoeling van President Truman en de zijnen.

Truman hoopte met de bommen duidelijk te maken dat zijn land op technologisch gebied met kop en schouders boven de rest uitstak en dat het niet raadzaam was de Verenigde Staten ook maar een haarbreed in de weg te liggen.

Enerzijds werkt dit wel; de hele wereld is immers geschrokken door de vernietiging die in Hiroshima en Nagasaki zijn aangericht en Japan gaf zich gelijk over. Anderzijds zorgt de nieuwe dreiging voor een enorme impuls in de technologische industrieën van bijvoorbeeld het Verenigd Koninkrijk en de Sovjet Unie. Het was zaak de Amerikaanse wapenindustrie snel te evenaren en zo mogelijk te overtreffen.
Met behulp van kennis uit Nazi Duitsland – tijdens de oorlog was men ook daar bezig geweest met de ontwikkeling van een atoombom – weet de Sovjet Unie in 1949 haar eerste test met een nucleair wapen te houden en twee jaar later volgt ook het Verenigd Koninkrijk, zij het met een geavanceerde versie, namelijk de waterstofbom.

Vlag Sovjet Unie
Vlag Sovjet Unie

Profileren

Ondertussen is de oorlog al een tijd afgelopen, maar de Sovjet Unie maken nog geen enkele aanstalten om een eind te maken aan de tijdelijke –volgens de afspraken bij de Conferentie van Jatla dan- bezetting van de door hun beheerde gebieden in Duitsland en ten oosten daarvan. Sterker nog, Stalin ziet erop toe dat de landen een door hem geplaatste regering krijgen, die de bezette landen leiden volgens communistisch signatuur.

De Verenigde Staten voelen zich door dit communistische blok landen bedreigd en besluiten zichzelf en hun westerse bondgenoten wat meer als een geheel te profileren.Onder de bezielende leiding van de Amerikaanse Minister van Buitenlandse Zaken wordt in 1947 een naar zichzelf vernoemde Marshall Plan opgericht dat officieel de westerse landen moet helpen met de economische opbouw, maar in de praktijk ervoor zorgt dat landen zich duidelijk uitspreken vóór de Verenigde Staten en daarmee tégen de Sovjet Unie.

Maar dat is nog niet genoeg. Twee jaar later, op 4 april 1949, wordt in Washington de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) opgericht waarmee de Verenigde Staten en haar bondgenoten een militair pact sluiten, dat de wederzijdse verdediging en samenwerking vastlegt. Wanneer één van de landen wordt aangevallen, zullen alle andere deelnemers dit zien als een directe oorlogsverklaring en samen gaan ze dan in de verdediging. De NAVO wordt in eerste instantie vooral opgericht om een blok te vormen tegen het Oosten, dat zich hierdoor om haar beurt voelt aangevallen. Als antwoord ondertekent Chroestjov op 14 mei 1955 het Warschaupact met als doel, hoe verrassend, het communisme te verdedigen tegen het Westen. Beide machtsblokken hebben zich dus halverwege de jaren vijftig op economisch en militair gebied georganiseerd.

<p> </p>

Wapenwedloop

In de jaren die volgen wordt de polarisatie tussen de twee grootmachten alleen maar sterker. Er ontstaat een duidelijke scheidslijn tussen Oost en West die letterlijk wordt weergegeven door de bouw van de Berlijnse Muur, die begint in de nacht van 12 op 13 augustus 1961. De oosterse DDR raakt nu volledig afgesneden van de westers georiënteerde BRD.
Beide blokken geraken in een constante race om zich duidelijk van de ander te onderscheiden. Het was zaak zo veel mogelijk landen onder de eigen invloedssfeer te krijgen en te zorgen dat alle conflicten ter wereld in het voordeel van het eigen gebied werden opgelost. Hiervoor was, naast een campagne onder de bevolking en sterke regeringscontrole, een kleine technologische revolutie nodig om de vijand voor te blijven.
Oost en West investeren meer dan ooit tijd, geld, energie en mankracht in de ontwikkeling van de nieuwste wapens. Een overbekend voorbeeld is de wedloop die zich grotendeels in het luchtruim afspeelde. Het is de Sovjet Unie die er als eerste in slaagt om op 4 oktober 1957 een satelliet, genaamd Spoetnik, in gebruik te nemen, waarmee ze spionage opnames konden maken in het Amerikaanse luchtruim. De Russen zorgen een paar later wederom voor een verrassing door op 12 april 1961 Joeri Gagarin als eerste mens de ruimte in te sturen, alwaar hij een tocht maakt van 1 uur en 48 minuten.

De overrompelde Verenigde Staten beloven direct dat zij het zouden zijn die als eerste een mens op de maan zouden laten landen. Eerst lieten ze de Amerikaanse John Glenn in 1962 het kunstje van Gagarin nadoen. In de jaren daarop volgend proberen beide supermachten zich te vervolmaken in de lucht- en ruimtevaart. Verschillende ongelukken volgen, maar uiteindelijk slagen drie Amerikaanse astronauten er op 16 juli 1969 in om onder toeziend oog van een miljard televisiekijkers de maan te bereiken.

Naast de ontwikkelingen in de lucht lag de wapenindustrie ook geen moment stil. Deels waren deze twee industrieën met elkaar verweven. De raketten die gebruikt werden om een mens duizenden kilometers in de lucht te kunnen schieten, konden immers worden ingezet om een atoombom af te vuren.

Over de ontwikkelingen en uitvinden die aan beide kanten werden gedaan, werd enerzijds zeer geheimzinnig gedaan. Alles werd in het werk gezet om te voorkomen dat de vijand nieuw opgedane kennis en vaardigheden in handen kreeg. Anderzijds was de technologische wedloop een manier om de ander mee de ogen uit te steken en de successen werden zowel voor binnenlandse als buitenlandse propagandadoeleinden ingezet.

Wapens, allemaal wapens
Wapens, allemaal wapens

Cubacrisis: de vingers op de knop

De toenemende groei van kernwapens in de wereld zorgde de eerste jaren na de oorlog niet voor veel paniek. De wapens werden immers vooral gebruikt als machtsmiddel en men had niet het idee dat ze direct bij conflicten ingezet werden. Iedereen was zich immers bewust van de consequenties die het gebruik van atoomwapens zouden hebben.
In 1962 veranderde dit. Wereldwijd sloeg de angst voor een atoomcrisis toe en vooral in het Westen hamsterden de mensen voedsel en water. Achteraf gezien is deze angst niet ongegrond. In oktober ontstond er een groot conflict tussen de twee grootmachten over Cuba, een eiland ten zuidoosten van de Verenigde Staten, waar in 1959 de communistische Fidel Castro na een staatsgreep de macht over genomen had.
De Amerikaanse president Eisenhouwer en zijn opvolger Kennedy zijn in het geheel niet blij met het communistische land, zo vlakbij eigen grondgebied en proberen Fidel af te zetten, een poging die alleen uitloopt het gevangennemen van zeventienhonderd Amerikaanse soldaten en Cubaanse bannelingen.

Chroestjov, de opvolger van de inmiddels overleden Stalin, ziet zijn invloedssfeer in het vijandelijke westen groeien, zeker als de Verenigde Staten alle betrekkingen met Cuba breekt en het land daardoor afhankelijk wordt van de Sovjet Unie. Als reactie op de raketten die de Verenigde Staten in Italië, Turkije en Groot-Brittannië hebben geplaatst, gebruikt Chroestjov zijn nieuw verworven invloedssfeer om raketbases en lanceerinrichtingen aan te brengen.
Dit blijft niet onopgemerkt voor de Amerikaanse satellieten en op 22 oktober 1962 houdt Kennedy een vlammende speech waarin hij de ontmanteling van de raketten eist en aankondigt een blokkade op militaire goederen richting Cuba op te zetten.

De wereld is in spanning. Beide leiders zitten met de vinger op de knop en kunnen elk moment het bevel geven dat een kernoorlog ontketent. De onderlinge communicatie staat onder hoge druk. Op 28 oktober komt het verlossende bericht als Radio Moskou aankondigt dat Chroestjov gehoor geeft aan de eisen van de Verenigde Staten, die op hun beurt beloven de raketten die gericht staan op de Sovjet Unie te vernietigen.

Verborgen wapens
Verborgen wapens

Onderhandeling en toenadering

Achteraf gezien kan de Cubacrisis gezien worden als het meest dreigende moment in de Koude Oorlog waarbij een oorlog die uitgevochten zou worden met kernwapens zeer dichtbij was. Tegelijkertijd is oktober 1962 ook een keerpunt in het conflict tussen Oost en West. De supermachten hadden beide weinig behoefte aan een kernoorlog en gingen op zoek naar wegen op dichterbij elkaar te komen en in elk geval het gebruik van kernwapens te voorkomen. Het beperkte kernproefverbod dat uit de onderhandelingen kwam (Limited Test Ban), zorgde er voor dat er vanaf 1963 geen bovengrondse kernproeven gedaan werden door de Amerikanen, Russen en Engelsen.

Opzicht zou dit het ideale moment geweest zijn om een soort bevriezing van de wapenwedloop in te stellen. Beide supermachten hadden op dat moment immers een enigszins gelijkwaardig en vooral enorm wapenarsenaal opgebouwd dat bestond uit allerlei kernraketten die zonder twijfel enorme gebieden en daarbij grote groepen mensen konden vernietigen. Buiten het gesloten verdrag veranderde er echter nog vrij weinig en de ontwikkeling van de wapens ging verder met de uitvinding van nieuwe krachtigere kernkoppen die tot veel meer precisie in staat waren. Bovendien kreeg één van de twee steeds weer een verontrustende voorsprong door een of andere uitvinding, waar de ander dan weer op moest reageren door een nog geavanceerder wapen in gebruik te nemen.

In de jaren volgend op de Cubacrisis vonden er op het politieke toneel allerlei ontwikkelingen plaats, waarvan de Vietnam oorlog, mede door de enorme aandacht van de media, waarschijnlijk het meeste impact had op de bevolking. Steeds meer mensen waren klaar met de constante spanning en de protesten groeiden.

In 1969 kwam er echter weer een korte periode van ontspanning, de zogenaamde Détente, onderleiding van de twee leiders van de supermachten, Breznjev en Nixon. Op 1 juli 1969 tekenden zij een non-proliferatieverdrag (NPV), wat wederom als doel had de verdere verspreiding van kernwapens tegen te gaan. Het NPV trad begin 1970 in werking en had veel succes omdat het in 1957 opgerichte Internationaal Atoom Energie Agentschap meer bevoegdheden kreeg om landen te controleren. In dat zelfde jaar besloten de Sovjet Unie en de Verenigde Staten te onderhandelen over hun strategische wapens, wat leidde tot het 1e SALT verdrag (Strategic Arms Limitation Talks), getekend van 22 tot 26 mei 1972. In het voor vijf jaar geldende verdrag stond dat het aantal lanceerraketten en zou worden bevroren en het raketafweersystemen verminderden naar twee en later zelfs naar één.

Navo-Dubbelbesluit

Na Nixon’s aftreden door het Watergate schandaal nemen te spanningen weer toe. De Sovjet Unie ontwikkelt eind jaren zeventig een nieuw soort wapen en bereikt daarmee een voorsprong in de wapenwedloop. De SS-20 is een middellange afstandsraket waarop een kernkop gezet kan worden, die een afstand van meer dan vijfduizend kilometer overbrugt. De wapens worden opgesteld richting West Europa, wat een enorme dreiging veroorzaakt. Als antwoord hierop zoekt de Navo High Level Group naar nog geavanceerdere wapens. Men komt, mede door een campagne van de Verenigde Staten, overeen dat de wapens die op de Sovjet Unie gericht staan aan vernieuwing toe zijn en ernstig gemoderniseerd dienen te worden. Het idee is dat de nieuwe wapens in West Europa moeten staan en in 1978 wordt gepolst hoe o.a. Den Haag hiertegenover staat. In eerste instantie reageert de regering met terughoudendheid. Er wordt motie aangenomen waarin Nederland nog niet wil instemmen met productie en plaatsing van kruisraketten. Men wil eerst weten wat de uitkomst is van de wapenbeheersingsbesprekingen tussen de Amerikaanse president Carter en Brezjnev.

Den Haag vraagt uiteindelijk twee jaar uitstel om de knoop door te hakken over de plaatsing van de kruisraketten. Nederland staat hierin alleen. Ze tekenen wel het akkoord waarin besloten wordt om de kruisraketten te moderniseren, het NAVO-dubbelbesluit van 12 december 1979, maar bouwen als enige de genoemde clausule in, het zogenaamde Nederlandse voorbehoud. De regering vindt namelijk dat nog niet alles in het werk is gesteld om de betrekkingen tussen Oost en West te verbeteren en daarmee het moderniseringsprogramma onnodig te maken. Den Haag wil dat de onderhandelingen eerst meer aandacht krijgen, aangezien deze tot noch toe te weinig kans van slagen hebben gekregen.

Nederland heeft dit standpunt als volgt verwoord: “(…) Nederland zal in december 1981 in overleg met de bondgenoten beslissen aan de hand van het criterium of het wapenbeheersingsoverleg alsdan succes in de vorm van concrete resultaten heeft opgeleverd. (…) De Nederlandse regering heeft verklaard dat (…) zij op dit ogenblik niet in de positie is te beslissen over de stationering van Ground Launched Cruise Missiles op haar grondgebied.(…)”. De Cruise Missiles zijn de Amerikaanse kruisraketten waarvan het de bedoeling is dat er uiteindelijk 572 worden geplaatst in West Europa met 48 daarvan in Nederland. Dit is dus het Amerikaanse antwoord op de modernisering van de wapens in de Sovjet Unie en een deel van het NAVO dubbelbesluit. Dit laatste bestond echter uit nog een onderdeel, namelijk de intentie het aantal kernwapens in West Europa terug te dringen. Iets wat haaks stond op het voornemen honderden nieuwe wapens te plaatsen.

Vanaf het moment dat onderhandeld werd over de kruisraketten in Europa groeiden de protesten tegen de wapenwedloop en klonk de roep om onderhandelingen en vrede steeds luider. De mensen geloofden niet dat de in 1979 genomen afspraken over wapenbeheersing, de zogenaamde nul optie, met de modernisering van het wapenarsenaal vooruitgeholpen zouden worden.

Opland's Hollanditis
Opland's Hollanditis

Hollanditis

Augustus 1977 is de start van de campagne van het IKV ‘Help de kernwapens de wereld uit, om te beginnen uit Nederland’ en in datzelfde jaar ontstaat van het Initiatief ‘Stop de Neutronenbom’. Deze twee pogingen een eind te maken aan de kernwapens verschilden in allerlei aspecten van elkaar. De eerste actie kwam voort uit een al jaren bestaande kerkelijke organisatie, die als doel had mensen van binnen én buiten de kerk te winnen voor hun standpunt. Stop de N-Bom kwam voort uit de CPN, en de initiatiefnemers hadden het idee dat het strijden tegen één specifiek wapen meer zou uithalen, dan tegen de kernwapens in het geheel. De twee groepen hadden echter gemeenschappelijk dat ze een eind wilden maken aan de explosieve sfeer wereldwijd door het aantal wapens terug te dringen en te voorkomen dat er nog meer en nog modernere wapens werden geplaatst.

Dit was niet uniek voor Nederland. Wereldwijd uiten mensen hun zorgen over de gespannen situatie en het wapentuig in de wereld dat inmiddels zo uitgebreid en geavanceerd is dat het de aarde meerdere malen totaal kan vernietigen. Zo zingt Sting in Russian Lyrics “In Europe and America, there's a growing feeling of hysteria, conditioned to respond to all the threats. In the rhetorical speeches of the Soviets Mr. Krushchev said we will bury you, I don't subscribe to this point of view. It would be such an ignorant thing to do, if the Russians love their children too.”
Dit lied straalt toch een zekere angst uit. Andere artiesten namen de spanningen laconieker op.
Prince maakt in 1982 het lied 1999, met de tekst: “Yeah, everybody's got a bomb, we could all die any day. But before I'll let that happen, I'll dance my life away.”

In november van datzelfde jaar zingt de groep Doe Maar in dezelfde sfeer De Bom met het overbekende refrein “Laat maar vallen dan, het komt er toch wel van, het geeft niet of je rent..” Volgens Ernst Jansz de manier om aan te geven dat er altijd wel wat kan gebeuren, waardoor je vroegtijdig overlijdt, maar dat dit geen reden is om somber te gaan kniezen: “Op de achtergrond van zo’n dreiging is het belangrijk om het leven goed te leven, om de belangrijke dingen van het leven voorrang te geven. Neem het leven zoals het is!” Het liedje schiet echter bij een meisje in het verkeerde keelgat dat er prompt bij Kinderen voor Kinderen een antwoord op zingt: “Doe maar Ernst, je bent het einde Ernst, Doe maar Ernst, ga je gang. Maar dat liedje van je, Voordat de bom valt, toen ik dat hoorde werd ik wel een beetje bang. Luister Ernst, ik wil wat worden later en wat bereiken in de wereld net als jij. Doe maar Ernst, maar niet zo somber Ernst, al doe je-n-het maar alleen voor mij.”

De angst waarover de kinderen hier zingen geeft wel aan hoezeer Nederland bezig was met de Koude Oorlog en de mogelijke plaatsing van de raketten. Alle ontwikkelingen werden uitgebreid verslagen door de media. In één van de programma’s, in een uitzending van Sonja Barend, houdt Femke met haar vriendinnetje Mariël, ze zullen niet veel ouder zijn geweest dan een jaar of twaalf, een ontroerend betoog waarin ze min of meer eist dat er gestopt wordt met wapenwedloop. Het meisje is lid van het in 1979 opgerichte Komitee Kindervuist dat zich o.a. bezighoudt met acties tegen kernwapens.

Dit Komitee is één van de vele bewegingen, groeperingen en organisaties die ‘strijden tegen de bom’ en langzamerhand groeit deze groep uit tot een enorme vredesbeweging. De Vrouwenbeweging, de kerken, verschillende politieke partijen, vakbewegingen, jong en oud; allen keren ze zich tegen de kernwapens.
Het verzet tegen de kernwapens is in Nederland zo massaal dat het aangeduid wordt met de term ‘Hollanditis’. Opland, pseudoniem voor politiek tekenaar Rob Wout (1928-2001) ontwierp met het vrouwtje dat tegen een raket aanschopt het beeldmerk van de Hollanditis: “Eerst was het een mannetje, maar daar hadden de vrouwengroepen bezwaar tegen. Ik was daar wel wat pissig over, als ik iets maak, moet het maar meteen goed zijn, maar ze hebben hun vrouwtje gekregen. Zij werd het nationale én internationale symbool voor de Hollanditis. Ik geloof dat ik dat wel eervol mag vinden.”

De Hollanditis slaat in oktober 1981 toe in Hellevoetssluis als hier de eerste kernwapenvrije gemeente wordt uitgeroepen. Veel gemeentebesturen vonden dat ze niet achter konden blijven in de discussie die, ook al had deze grotendeels internationaal karakter, over het leven en dood van de bewoners ging. De gemeentes zouden dan niets meer voor de bevolking kunnen doen en alle mogelijke rampenplannen konden de prullenbak in. Dit was de reden dat veel gemeentes zich uitspraken tegen de plaatsing van kernwapens en voor de kernwapenvrije gebieden.

Amsterdam 1981

En het aantal mensen dat protesteert blijft maar groeien. Op 19 maart 1978 trekken al ruim vijftigduizend demonstranten door Amsterdam en op 21 november 1981 komt de Hollanditis pas echt tot uiting. Ruim vierhonderdduizend mensen protesteren uit verzet tegen de plaatsing van kernwapens in Nederland. Vanuit alle hoeken van het land trekt men naar de hoofdstad en doet daarmee hetzelfde wat op dat moment gebeurt in Bonn, Rome, Londen, Parijs en Brussel. Nederland zegt Nee.

Met spandoeken als ‘Raketjes zijn niet Netjes!’, ‘Hou je kern kop!’ en ‘Wie had die N-Bom besteld’ protesteren kinderen en volwassen, boeren, soldaten en brandweerlieden, communisten en Christenen, mannen en vrouwen tegen de aanwezigheid van de kernwapens in Nederland en in de rest van de wereld. Het organisatiecomité bestaat uit Stop de neutronenbom – Stop de kernwapenwedloop, IKV, Pax Christi, Platform voor radicale Vredesgroepen, Humanistisch Vredesberaad, Vrouwen voor Vrede, Vrouwen tegen Kernwapens, VVDM, PvdA, CPN, PSP, PPR en D’66. De menigte wordt door allerlei mensen toegesproken en gezongen.

Wim Kok, destijds vakbondsleider van het FNV: “Het wapentuig moet de wereld uit en de kernwapens voorop. Kernbewapening is geen modernisering maar idiotiesering van de wereldsamenleving. … De geest van de atoombewapening moet weer terug in de fles. Miljoenen mensen zijn de afgelopen maanden en weken de straat opgegaan. In Madrid in Bonn, Brussel, Londen en nu hier in Amsterdam. … In ons belang en dat van onze kinderen en kleinkinderen voor wie we een leefbare wereld willen achterlaten zeg ik; vooruit met de strijd voor de vrede; weg met de oorlogsdreiging, weg met de atoomwapens!” Artiesten als Adèle Bloemendaal, Herman van Veen en Freek de Jonge treden op.

Lange tenen

Ondertussen bleef de Amerikaanse lobby voor de kernwapens doorgaan. De Amerikaanse president Reagan stuurt zijn ambassadeur Paul Bremmer naar Nederland. Terugkijkend zegt hij: “The central message of Reagan was: You must go out there and get the Dutch to agree to deploy these missiles. Irrespective of the peace movement and all the other problems.” De regering waarmee Bremmer moet onderhandelen bestaat vanaf mei tot november 1982 uit het CDA en D’66 onder leiding van Dries van Agt, wat vervolgens wordt opgevolgd door het eerste Kabinet Lubbers met het CDA en de VVD.

Lubbers had het idee dat hij het land bij elkaar moest houden en tot een oplossing komen, die voor het grootste deel van de bevolking acceptabel was. Daarmee wilde hij in elk geval de Russen het idee geven dat ze niet te imponeren waren door hun machtsvertoon en de Amerikanen wilde hij niet voor het hoofd stoten. En daarbij moest Lubbers constant rekening houden met de, misschien wel overgevoelige, bevolking. Hans Apel, tussen 1974 en 1982 Bondsminister van Financien en Defensie: “Na ja die Niederlande sind natürlich in allen solchen Fragen, das ist meiner Eindruck, immer Spehrspitze gewesen von emotionalen Entwicklungen. Das liegt in der Natur der Niederlande. Das ist mein Eindruck. Das ist ein tüchtiges, vielschichtiges Volk, aber emotional leicht zu erregen.” En Paul Bremmer voegt hieraan toe: “You don’t like to be lectured. You have very long toes, as the Dutch expression goes.”

Emotioneel of niet, gedreven was de bevolking wel. Op 28 juni 1983 wordt bekend dat de raketten, als er besloten wordt deze te plaatsen, bij Woensdrecht komen. Een besluit dat de aanwezigheid van kernwapens in Nederland concretiseert. De bevolking polariseert. Je was ofwel voor, ofwel tegen de raketten, er was absoluut geen midden. Vurige pleiters tegen de bom waren natuurlijk IKV-voorzitter Mient Jan Faber en iemand als Wim Kok. Tegenstanders waren AKTUA presentator Wibo van de Linden en Ed Nijpels, vanaf 1982 fractievoorzitter van de VVD. Beide partijen werd dit niet in dank afgenomen en iemand als Mient Jan Faber kreeg stapels dreigbrieven en vele intimiderende telefoontjes. Zoals Genesis in Land of Confusion zong: “Too many men, theres too many people, making too many problems. And not much love to go round. Cant you see this is a land of confusion.”

I save the day, I save tomorrow..

Er wordt door de tegenstanders van de bom besloten op 29 oktober 1983 te demonstreren in Den Haag, waar de regering zetelt. Vanuit allerlei lagen van de bevolking worden mensen gemobiliseerd om mee te doen. Zo enthousiasmeerde zuster Martinia de bevolking van Bergeijk en vertrok uiteindelijk met zeven bussen naar Den Haag. En ook in allerlei buurthuizen werden leuzen bedacht, spandoeken geschilderd, affiches gestencild en vooral opgeroepen mee te doen.
Dit resulteerde in een opkomst van 550.000 mensen die hun stem uitbrachten tegen de plaatsing van atoomwapens in Woensdrecht, tegen het NAVO-dubbelbesluit en voor de vrede.
Sienie Strikwerda, voorzitter van Komitee Kruisraketten Nee en organisator van de demonstratie: “Het heldere en louterende vuur van de vredesbeweging heeft de mensen in Europa aaneengesmeed. Wij willen niet langer vermorzeld worden tussen de twee grootmachten. Wij willen geen nucleaire vulkaan worden.”

De mensen zijn vastberaden een eind te maken aan het conflict en hebben het gevoel dat dit het moment is wat verschil moet maken. Paul Bremer zat tijdens de protesten in de Amerikaanse Ambassade, waar de demonstratie langs ging. “Well, it certainly gave me an introduction in how strong the public opinion was.” De sfeer in Den Haag ademde van een strijdbaar optimisme en de mensen liepen arm in arm en ondersteunde elkaar. Ook hier waren weer de creatiefste spandoeken te zien: ‘Ik ga liever gewoon dood!’, ‘ Ik ben van na de oorlog en dat moet zo blijven.’, ‘Ang is Bang’ , ‘Toos is boos!’, ‘Hou van het leven, weg met de bom!’, 'Zij heeft ook gekozen, stiekem.' (dit geïllustreerd met een foto van Beatrix)

De makers van dit laatste spandoek konden tevreden zijn. Onverwacht werd in het Zuiderpark Irene van Lippe aangekondigd, de zus van de koningin, een optreden dat voor grote verbazing zorgde en waardoor veel mensen zich gesteund voelden. “Waar zijn we mee bezig? Al zo vele eeuwen lang zijn we bezig met groeien en leren en dat betekent struikelen en fouten maken. Maar door de wapens die we gemaakt hebben, staan we op de rand van de afgrond en kunnen we geen fout meer maken, want dat zou betekenen dat onze aarde vernietigd wordt.”

Aan het eind van de dag zijn de meeste mensen ervan overtuigd. Naar zo’n grote groep mensen moet de regering wel luisteren. Zoals Roberto Jacketti and the Scooters zingen:
“Everbody's quarreling oh, everybody's got a fight, if we stop this torture we will, hhake our hands and we'll unite. Weapons in the east and weapons planted in the west, o-oh. They can't stop us, walking out, there at our best, come on. I save the day, I save tomorrow So I can run away.” Velen hebben het idee vandaag ‘de dag gered te hebben’ en opgetogen en optimistisch gaan de mensen huiswaarts, nadat Mient Jan Faber de dag afsluit met de woorden “Houdt goede moed: ze komen er niet! En de rest van die kernwapens moet er uit. Tot ziens. Tot morgen!”

Maar ze kwamen wel. Tenminste dat was de intentie van het kabinet. Ondanks de protesten neemt Lubbers op 1 juni 1984 het voorlopig plaatsingsbesluit. Dit hield in dat Nederland de raketten zou plaatsen indien de Sovjet-Unie op 1 november 1985 meer dan 378 SS-20 kernraketten had gestationeerd. Het aantal van 378 was de stand op 1 juni, volgens opgave van de Amerikanen. Als reactie hierop worden een jaar later, op 26 oktober 1985 3,7 miljoen handtekeningen van het Volkspetitionnement aangeboden aan Lubbers. Ook dit mocht niet baten. Op 1 november komt men tot het definitieve plaatsingsbesluit.

Gorbatsjov en Reagan
Gorbatsjov en Reagan

Terugblik

Op de vraag in hoeverre de protesten tegen de kernwapens in de jaren tachtig succesvol geweest zijn, is geen eenduidig antwoord te geven.
Enerzijds kan het antwoord kort en bondig zijn. Nee. In Nederland werd er immers, ondanks de talloze protesten, demonstraties en de petitie, toch besloten om de kernwapens te plaatsen. Achteraf gezien is dit niet nodig geweest. In 1987 kwamen Reagan en Gorbatsjov immers tot een overeenstemming over de noodzaak van het terugbrengen van de wapens en op 8 december van dat jaar ondertekenen beide heren het INF (Intermediate-Range Nucleair Forces) akkoord, waarin staat dat nucleaire en conventionele raketten en kruisraketten met een bereik van 500 tot 5500 kilometer vernietigd moeten worden. Bovendien spreken ze zelfs af elkaars wapeninspecteurs toe te laten.
Deze overeenkomst was er echter nooit gekomen zonder de internationale druk die bestond, die duidelijk maakte dat er een breed draagvlak was voor de afschaffing van kernwapens. Ook Lubbers zegt vijfentwintig jaar na de demonstratie in Amsterdam dan ook dat al die protesten wel degelijk nut gehad hebben.

Het effect van al die verschillende groepen die samen voor een doel streden was een enorm opgetogen en optimistische sfeer. De mensen die destijds de straat opgingen met petities, spandoeken en affiches hadden allemaal het idee dat dit het moment was waarop geschiedenis geschreven werd. Het gedeelde engagement zorgde voor een enorme impuls bij het wereldwijde pacifisme en de bereidheid hiervoor te strijden. Toen echter in eerste instantie leek dat deze protesten totaal geen effect hadden, aangezien het Kabinet onder leiding van Lubbers besloot de kernwapens toch te plaatsen, maakte zich van veel van deze mensen een desillusie meester. Als een regering zoveel protest naast zich neer kon leggen, dan zou het in de toekomst al wel helemaal geen zin hebben om nog te protesteren. Het resultaat was dus ook een wantrouwen in de politiek.

Maar ook al hebben de protesten destijds achteraf gezien misschien wel zin gehad en droegen ze waarschijnlijk bij aan de snellere ontmanteling van de kernwapens, vijfentwintig jaar na de demonstratie in Amsterdam is het aantal landen dat kernwapens heeft of probeert te produceren enorm gegroeid. Van landen als Noord-Korea en Iran is het bekend dat zij druk bezig zijn een kernwapen te ontwikkelen, maar ook landen als India, Pakistan, Brazilië en Israël beschikken over nucleaire wapens. Misschien is de situatie is de wereld nu wel een stuk gevaarlijker dan in de jaren tachtig. Wordt het niet weer tijd voor de Hollanditis?

Research Laura van Hasselt, Femke Veltman
Webtekst: Sunniva Matla

Uitzending: do 23 nov 2006, 20.30 uur, Nederland 2.

Geïnterviewden Bronnen
  • Ciska Franken - Ten Hoeve
    Ciska Franken - Ten Hoeve
  • Huib Bronkhorst
    Huib Bronkhorst
  • Rob Versteeg
    Rob Versteeg
  • Zuster Martinia
    Zuster Martinia
  • René Kok
    René Kok
  • Henk Thomas
    Henk Thomas
  • James Kennedy
    James Kennedy
  • Wibo van de Linde
    Wibo van de Linde
  • Ruud Lubbers
    Ruud Lubbers
  • Mient Jan Faber
    Mient Jan Faber
  • Hollanditis

    Remco van Diepen, Hollanditis: Nederland en het kernwapendebat 1977-1987 (Amsterdam, 2004).

  • Nederland en de kernwapens

    Nederlandse Atlantische Commissie, Nederland en de kernwapens: Een studie over het Nederlands nucleair beleid 1972-1985 (Alphen aan de Rijn, 1987).

  • 48 kruisraketten

    B.J. van Eenennaam, 48 kruisraketten: hoogspanning in de lage landen (Den Haag, 1988).

  • Nucleaire ontwapening

    K.Koster, Nucleaire ontwapening: nog steeds bittere noodzaak (Utrecht, 2006).

  • Nederland zegt NEE!

    Amsterdams Fotografenkollektief, Nederland zegt NEE! Foto-impressie, Amsterdam 21 november 1981 (Amsterdam, 1981).

  • Foto-impressie

    Amsterdams Fotografenkollektief, Foto-impressie, Den Haag 29 oktober 1983 (Amsterdam, 1983).

  • De wereld

    Wim Reijnders, De wereld (1947-2001) volgens Opland (Zwolle, 2004).

  • Essay Vredesdemonstratie 1983

    Kirsten Vos, Essay Vredesdemonstratie 1983

  • Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid nacht

    Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid

    Bezoek de website hier:
  • Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis

    Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, Amsterdam.

    Bezoek website

Vragen?

Heeft u vragen, ideeën of opmerkingen?

Neem dan contact op met de redactie: