Meer verdieping op het gebied van geschiedenis? Kijk op NPOFocus.nl
↳ Enter om te zoeken
Slaaptrein Amsterdam - Groningen (1932)
Slaaptrein Amsterdam - Groningen (1932)

Het Volk 5 nov. 1932

Slapende het Noorden in.... Proefneming van de spoorwegen met nacht-slaap-reizen Een vreemdsoortige trein Droomen, waken, sluimeren... Wij rijden in den nacht... de muziek van de voortratelende wielen wiegt ons...

(Van onzen specialen verslaggever.)

Amsterdam, — Vrijdag.

Als van de Amsterdamsche torens de twaalf slagen van het middernachtelijk uur zijn gevallen; krijgt het Centraal-Station eindelijk rust. Treinen denderen niet meer binnen, de roodwitte vertrekschijven van de chefs gaan niet meer omhoog... van perron één tot perron vijf kan men kijken zonder dat de blik gestoord wordt door de beweeglijke drukte die den dag kenmerkt. Slechts een enkele rangeerlocomotief glijdt nog, luid fluitend, óver de rails. Een zware goederentrein, die door een puffende en zuchtende jumbo wordt voortgetrokken, dreunt nog langzaam over de glinsterende sporen. Maar voor de rest rust... zelfs de vlugge geelgekleurde electrischen hebben hun snellen loop gestaakt en halen adem na een vermoeienden dag. Want om twaalf uur „sluiten" de Nederlandsche Spoorwegen... hun werkdag is dan beëindigd en begint niet weer voor in het oosten de nieuwe morgen tint..

Toch was het een uitzondering op dezen regel, die ons gisteravond de verlaten, leege trappengangen van C.S. deed doorwandelen, tien minuten nadat de klok op het Koninklijk Paleis had verteld dat het twaalf uur was. Op perron vijf toch maakte de eerste Nederlandsche slaaptrein ons zijn opwachting, die de Inzet vormt van nachtelijk spoorwegverkeer, dat misschien ook eens in ons lage landen tot bloei zal komen.

Iets nieuws voor ons land

Reizen in den nacht... over de grenzen moge dat de gewoonste zaak ter wereld zijn, in Nederland kent men het niet. Alleen de postijlgoederentreinen rollen in het nachtelijk uur door ons vaderland. Toch leefde er in reizigerskringen de wensch om ook den nacht productief te maken. 's Morgens vroeg zou men dan al in Groningen of Maastricht kunnen zijn, zonder den avond van te voren den huiselijken haard te moeten verlaten. Een begrijpelijk –verlangen in een tijd, waarin het economische leven ook den nacht niet meer uitsluitend het domein van rust laat zijn.

Na lang wachten zijn de Nederlandsche Spoorwegen aan dezen wensch tegemoet gekomen. Aan de post-ijlgoederentreinen koppelden zij een D-wagen en hierin kon dengene die al wat vroeg in een andere streek van ons land wenschte te zijn, den nacht doorbrengen. Doch... Leiden was hiermee nog niet uit den last. Hoe kwamen de reizigers na zoo'n nachtelijken tocht aan?

Vermoeid, vervelend, slaperig stonden zij b.v. 's morgens om vijf uur al in Groningen. Geen café nog open... een paar uur moest men soms in weer en wind zoekbrengen op de ronde Groningsche keien. Geen wonder, dat deze nachttreindienst niet tot bloei kwam. Men ging er alleen mee, als het móést. Een slaapwagen... die diende er te komen, wilde men inderdaad van een behoorlijke nachtverbinding kunnen spreken. Dan zou men rustig kunnen slapen, terwijl de trein naar Groningen, Maastricht of Arnhem reed. Men zou zich kunnen verfrisschen en tot een uur of acht in bed kunnen blijven, om dan, gesterkt door de rust, den nieuwen dag in een andere plaats te kunnen beginnen. Een slaapwagen... tegen niet te hooge prijzen. Hoteltarief b.v. En ook derde klasse.

De slaapwagen is er! En daarmee heeft ons treinverkeer buitenlandse! allures gekregen. Hotelprijzen! Voor een toeslag van ƒ 3.50 ƒ 4.—, ƒ 4.50 resp. derde, tweede en eerste klasse kan men zich veilig aan de hoede van de „Compagnie Internationale des Wagon-Lits et des Grands Express Européens" toevertrouwen. Voorloopig alleen nog maar op/het traject Groningen—Amsterdam v.v. Maar als het goed gaat later ook op de andere nachttrajecten.

Slaaptrein Amsterdam - Groningen (1932)
Conducteur in Slaaptrein Amsterdam - Groningen (1932)

De trein staat klaar

Een vreemdsoortige trein, die om 24.18 uur C.S. verlaat. Gewone wagens, goederenwagen, postwagens: een allegaartje van rijtuigen. Heelemaal achteraan staat, badend in den heeten stoom, de bruingekleurde eerste Nederlandsche slaapwagen. Drie bedden in een compartiment, dat is derde klasse. Maar drie goede bedden, die makkelijk liggen, met helderwitte lakens en warme dekens. Twee bedden... dat is tweede klas... Zij liggen boven elkaar en het lijkt een vraagstuk om de bovenste legerstede te bereiken. Alleen de eerste klasse heeft één bed... wie eerste reist, rust alleen. Geen snorkend „slapie" kan de nachtrust van een eerste klasser verstoren.

Wij slapen. Ambtshalve. Om te voelen hoe het slaapt. Twaalf man zijn er in het rijtuig en zij slapen allen. In onzen coupé zijn er twee. Languit liggen wij op ons bed in den knuswarmen wagen. Onder ons zingen de wielen hun monotoon lied. Een kleine schok... dat is een wissel waarover de trein voortsnelt. Een aantal kleine schokken, gevolgd door een stoot en geratel onder ons moede hoofd... dat is een stationsemplacement, dat ergens eenzaam en verlaten in het duister ligt en dat wij voorbijstormen.

Wij rijden in den nacht..., wij slapen in dezen rijdenden nacht. Waar zijn wij? — Voor de ramen hangen de dikke gordijnen, die een pantser vormen tegen alle stoornissen van buiten. De coupé is half-donker. Droomen, waken, sluimeren, slapen... De trein staat stil. Vreemde stemmen klinken naast den coupé... een noordelijk dialect.:, zou het Zwolle al zijn, of Assen, of Nijkerk? Wij weten het niet... verder rijden wij en de muziek van de voortratelende raderen wiegt ons weer in slaap.

Wij slapen

Wij slapen — op een of ander emplacement rangeert de trein, langzaam en nadrukkelijk — fluittonen klinken — voort gaat het — over de groote donkere velden, dwars door dichte bosschen, over de eindelooze uitgestrekte rails, achter de locomotief die een rossen gloed in den nacht werpt.

Zijn wij al in Groningen? Het geluid om ons is verstoord. Het is stil geworden. Een windvlaag doet den wagen even schudden. Regen klettert tegen de ramen. Dan slapen wij weer.
Om zeven uur wekt ons de conducteur. Over het perron van het Groningsche station ligt de glans van den vroegen morgen. Eenzaam en alleen staat er de bruine slaapwagen. Waaruit zoo nu en dan een reiziger stijgt.

19 december 2016

Introductie Autoslaaptreinen vanaf Amsterdam Amstel en Den Bosch (1963)

1
Bekijk Video
1 min

Autoslaaptrein

Een grote stap voorwaarts werd in 1960 gemaakt met de introductie van de autoslaaptrein. Deze reed vanaf Amsterdam Amstel of Den Bosch naar Narbonne en Avignon in Zuid-Frankrijk, en later ook naar Domodossola en Milaan in Italië en Salzburg in Oostenrijk. Met de toename van de welvaart werden de autoslaaptreinen steeds populairder. In 1995 vervoerden de NS nog 14 duizend auto's naar twaalf bestemmingen in Frankrijk en Italië. In de winter werden dezelfde treinen ingezet voor vervoer naar skigebieden. In totaal gingen dat jaar zo'n 50 duizend passagiers mee met de autoslaaptrein.

Vanaf 2000 kwam de klad in de autoslaaptrein. De kosten stegen snel en er waren te veel lege plekken in de trein. Bovendien kwam er steeds meer concurrentie van goedkope chartermaatschappijen. Uiteindelijk viel het doek voor de autoslaaptrein in 2015. De reguliere slaaptrein vanuit Nederland zou het een jaar langer uithouden.

Credits
  • Marnix Koolhaas