Meer verdieping op het gebied van geschiedenis? Kijk op NPOFocus.nl
↳ Enter om te zoeken
27 november 2010

De explosieve idealen van RaRa

Andere Tijden, 25 november 2010, René Roemersma rara
Bekijk Video
26 min

Het LCT

“Het beste is om potentiële daders te ontmoedigen doordat ze weten dat de opsporing in Nederland uiteindelijk succes heeft”, zei minister van Justitie Frits Korthals Altes tijdens zijn bezoek aan de nog smeulende puinhopen van de Makro in Nuth. Ferme woorden, maar medio januari 1987 was het pijnlijk duidelijk geworden dat de opsporing na anderhalf jaar en vier Makro-branden helemaal niets had opgeleverd.

44222803

De regering stond onder druk omdat de terugtrekking van de SHV - moederbedrijf van de Makro - uit Zuid-Afrika werd gezien als een capitulatie voor de geweldplegers. Er moest dus grover geschut komen. Op 15 januari 1987, vijf dagen na de brand in Nuth, werd daarom het Landelijk Coördinatie Team (LCT) opgericht. Een speciaal team, 26 man sterk en gevestigd op een toen geheime locatie: een marechausseekazerne in Amsterdam-Oost. Met rechercheurs uit verschillende korpsen van Gemeentepolitie, Rijkspolitie en Marechaussee, ondersteund door de Criminele Inlichtingendienst (CRI) en in nauwe samenwerking met de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD). Die laatste moest via haar afdeling BF, belast met het Politiek Activisme, het team vooral voorzien van achtergrondinformatie over allerlei personen en organisaties uit De Beweging.

Andere Tijden, 25 november 2010, betoging
Betoging

Doodlopende sporen

De start van het LCT verliep moeizaam, vertelt toenmalig teamleider Paul Martens: “We hadden een paar auto’s, een conferentiezaal met twee telefoons en daar moesten we het mee doen.” De rechercheurs hadden geen idee waar te beginnen. RaRa was namelijk niet de enige actiegroep in die tijd. Er bestond een bonte verzameling van clubjes als ‘Ins blaue Hinein’, ‘Nachtschade’ en ‘Kommando Trek Van den Broek omlaag’, die ook zelfgemaakte bommetjes en brandstichting voor allerlei acties gebruikten. Even wennen voor de politiemannen, die zich tot dan toe vooral op inbrekers, overvallers en drugsdealers richtten. Paul Martens: “Incidenten met claimbrieven waarin iets gezegd wordt over anti-imperialisme en verzet tegen Zuid-Afrika, dat zijn dingen waar wij dienders van de straat even in thuis moesten geraken.” Oud-rechercheur Thieu van Schovend vertelt dat de RaRa-activisten veel slimmer en beter voorbereid waren dan de gemiddelde crimineel: “Dat hadden we in het begin niet verwacht, dat ze zo sluw waren.”

De eerste maanden liep het LCT aan tegen vele potentiële RaRa-verdachten, maar de samenwerking met de BVD verliep stroef. De Dienst hield soms informatie achter om haar bronnen te beschermen wat leidde tot achterdocht bij politie en justitie, vertelt voormalig BVD medewerker Frits Hoekstra. “Wij vonden dat de politie zich met opsporing en niet met inlichtingenwerk moest bezighouden,” legt hij uit. En dus onderzocht het team dan maar zelf alles wat naar links activisme riekte: de harde kern van de kraakbeweging, Zuid-Afrikaanse deserteurs en zelfs de legale en geweldloze Anti Apartheids Beweging Nederland van Conny Braam. Volgens Hoekstra was dat laatste volstrekt onnodig, aangezien de BVD allang wist dat die er niets mee te maken had.

Ook Wijnand Duyvendak werd nagetrokken, vertelt Thieu van Schovend: “Die was in het begin medeverdachte. Uiteraard.” Duyvendak was namelijk spin in het web van de Beweging als kraker, lid van Onkruit en redacteur van actieblad Bluf!. De afgelopen jaren werd het oud Kamerlid voor Groenlinks nog veelvuldig met RaRa in verband gebracht. Onterecht volgens Van Schovend: “Binnen twee maanden wisten we dat hij er niets mee te maken had.” Teamleider Martens beaamt dat: “We hebben nooit enige aanwijzing kunnen vinden dat Wijnand Duyvendak iets met RaRa te maken heeft gehad. Geen enkele.” En ook René Roemersma, die verder niets wil zeggen over mogelijke RaRa-leden, bevestigt dit nu aan Andere Tijden: “Wijnand Duyvendak is en was een antimilitarist. Tegen geweld.”

Wie wist wat

En zo ploegde het LCT het eerste half jaar 700 oude zaken door, werd er een tekstanalyse van de claimbrieven gemaakt en schetste een psycholoog een daderprofiel. Het leverde niets op, en RaRa maakte geen fouten. Met enige ironie legt Roemersma uit dat RaRa geen openbare vergaderingen hield. Er werd ook niet onderling gebeld vanwege het gevaar op afluisteren: “Je communicatie gaat op een andere manier. Dat is veel fietsen. Heel veel fietsen,” vertelt hij.

En terwijl het LCT steeds gefrustreerder werd, had de BVD volgens voormalig medewerker Frits Hoekstra al begin 1987 sterke vermoedens over de mensen achter RaRa. De oud BVD’ er vertelt dat de Dienst over enkele informanten binnen de actiebeweging beschikte: “Daar hadden we dus redelijk zicht op. Niet in de kern van de acties zelf, maar we zaten er vrij dicht op.” Die bewering wordt gestaafd door het BVD-dossier dat Andere Tijden ontving na een beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur. Op 22 oktober 1985, dus een maand na de allereerste Makro-brand, viel de naam van Roemersma al bij de Inlichtingendienst via de volgende melding: ‘Vernomen is dat tijdens de uitzending van Radio Stad, waarin een interview met de brandstichter van de Makro-brand plaatsvond, de stem is herkend van René Roemersma.’ Uit het dossier blijkt niet wat de BVD zelf met die melding heeft gedaan. Duidelijk is wel dat de Dienst haar informatie in het begin niet deelde met het aanmodderende LCT. “Dan hadden we wat sneller zaken kunnen doen,” aldus teamleider Martens.

Volgens oud BVD’er Frits Hoekstra was de BVD er - anders dan politie en justitie - niet voor om strafbare feiten op te sporen om daarmee daders achter de tralies te krijgen. Volgens hem is het verstoren van nieuwe acties door zoveel mogelijk informatie te verzamelen het belangrijkste doel van de Dienst. Hoekstra moet nu erkennen dat de BVD haar informatiepositie overschatte: “We hadden de verwachting dat we er zo goed in zaten dat we de uitbraak van een nieuwe grote gewelddadige actie hadden kunnen tegenhouden, maar dat is met Nuth onder andere gebleken niet zo te zijn.”

Andere Tijden, 25 november 2010, tandy

Eindelijk aanwijzingen

Medio 1987 keerden de kansen. Na een goed gesprek verbeterde de samenwerking tussen het LCT en de BVD aanzienlijk en begint de groep langzaam aan in beeld te komen. In juni laat RaRa opnieuw van zich horen. Na haar overwinning op de SHV werd nu de aandacht naar Shell verlegd. Binnen een week pleegde de groep een aanslag op een tankstation in Nieuwegein en bij Boot Olie, distributeur van Shell-producten in Alphen aan de Rijn. Twee brandbommen legden het bedrijfsgebouw grotendeels in de as. Omwonenden ontsnapten aan een ramp, omdat de opslagplaats met gasflessen en 600.000 liter dieselolie en benzine gespaard bleef.

Het LCT vond een niet ontplofte bom en delen van het ontstekingsmechanisme die overeenkwamen met eerder gevonden sporen bij de Makro-branden. Er bleek gebruik gemaakt van elektronica afkomstig van de firma Tandy. En dus werden alle verkoopbonnen van de winkelketen bekeken, op zoek naar een identieke combinatie van aangeschafte elektronische onderdelen als bij de gebruikte bommen. Thieu van Schovend vertelt hoe hij en zijn collega’s 80.400 kassabonnen hebben bekeken, tot het uiteindelijk raak was: “We wisten nu wel heel precies dat het in Amsterdam was gekocht,” zegt hij.

Het net rond RaRa begon zich nu te sluiten; de verdenkingen richtten zich nu op een groepje Amsterdammers; radicale anti-imperialisten.

Vingerafdruk

Harde bewijzen kwamen in januari 1988, toen RaRa een explosief plaatste bij de paspoortenfabriek Elba in Schiedam, om daarmee het Nederlandse vreemdelingenbeleid aan de kaak te stellen. De actie mislukte omdat het alarm afging en de activisten op hun vlucht de onontplofte bom en een aantal jerrycans met benzine achterlieten. Een doorslaggevende fout bleek later, want op de bom trof het LCT een aantal verfsplinters en de vingerafdruk van René Roemersma aan. Hij geeft nu gniffelend toe dat hij het tijdsmechanisme destijds dus in handen moet hebben gehad. Maar volgens hem hoeft dat niets te betekenen: “Ik kan het gebouwd hebben, maar dat wil niet zeggen dat ik erbij was.” Op de vraag of hij wel betrokken was bij de aanslag zegt hij: “Ja, maar dat was ik intellectueel ook al.”

De betrokkenheid van Roemersma was dus bewezen, maar hoe ver die ging blijft tot op de dag van vandaag de vraag. Paul Martens: “We zullen nooit weten wie de explosieven heeft geplaatst. Hij heeft ze absoluut gemaakt. Dat is echt mijn overtuiging.”

Nu werden Roemersma en de zijnen onder permanente observatie gesteld, in de hoop ze op heterdaad te kunnen betrappen. Bij het voormalige woonhuis van Roemersma vertelt rechercheur Thieu van Schovend dat de activisten destijds 24 uur per dag werd geobserveerd: “Ik ben hier echt elke dag 12 uur geweest. Met een heel grote groep mensen. Die hele buurt hadden we onder controle. Met observaties. Statisch en mobiel.”

Het ‘heterdaadje’ kwam er niet. In maart 1988 verscheen er namelijk een artikel in het Algemeen Dagblad dat het onderzoek ongewild in een stroomversnelling bracht. De krant meldde dat de groep RaRa-verdachten was teruggebracht tot 20 personen, die de klok rond in de gaten werden gehouden. Niet alleen om nieuwe terroristische acties te voorkomen, maar ook in de hoop strafrechtelijk bewijs te vinden. De bron bleek de BVD te zijn. Het LCT was razend; de kans dat de observatie nog tot een heterdaadje zou leiden, was hiermee miniem geworden nu RaRa dit alles in de krant had kunnen lezen. Er restte niets anders dan tot actie over te gaan.

<p>René Roemersma in de rechtbank</p>
René Roemersma in de rechtbank

RaRa uit de anonimiteit

En dat gebeurde in de vroege ochtend van 11 april 1988. Met een enorme overmacht - 150 politiemensen, inclusief een peloton ME - viel het LCT om zeven uur ’s ochtends diverse panden binnen om huiszoeking te doen en acht mensen aan te houden. Een negende verdachte werd later aangehouden. Na de mislukte aanslag op de Elba was Roemersma niet echt verrast door de arrestatie, vertelt hij, “wel over het tijdstip. En de bombarie”.

Tijdens de huiszoeking deed de technische recherche een belangrijke vondst. De eerder gevonden verfsplinters op één van de bommen, waren afkomstig van Roemersma’s tafelblad. Ook trof men de aankoopbon van de firma Tandy aan, waarvan het team al eerder de kopie bij de winkel zelf had gevonden.
Politie en justitie waren tevreden en ervan overtuigd RaRa met deze arrestaties uit de anonimiteit gehaald te hebben. Roemersma zelf denkt daar tot op de dag van vandaag anders over: “Dan moeten ze die conclusie maar onderbouwen. Het gaat er nu niet om, het ging er toen niet om, om personen of wat dan ook. Ook voor deze uitzending vind ik het totaal niet relevant om te ontkennen of te bekennen.”

Al snel bleken de bewijzen tegen de anderen te mager, en stond iedereen behalve Roemersma binnen twee weken weer op straat. Toch denkt Paul Martens dat het team zicht heeft gehad op de harde kern van RaRa: “Als je alles achteraf op een rijtje zet, dan bestaat RaRa uit drie mannen en een vrouw.”

Uiteindelijk kwam alleen Roemersma voor de rechter. Het werd een roerig proces: sympathisanten probeerden de zitting te verstoren en de verdediging vocht de rechtmatigheid van de huiszoekingen aan. Roemersma zelf hield een uitgebreid anti-imperialistisch betoog waarin hij niet meer toegaf dan een sympathisant te zijn van RaRa. “Aanslagen zie ik als noodzakelijk politiek geweld”, aldus Roemersma tijdens de zitting. Vanwege “de ernst van de gepleegde misdrijven van terroristische aard, de gigantische schade en de enorme maatschappelijke onrust” eiste het Openbaar Ministerie zeven jaar gevangenisstraf. Op 24 augustus 1988 veroordeelde de rechtbank Roemersma tot vijf jaar cel voor meerdere aanslagen: “Godverdomme, dacht ik. Dat is lang. Niet op gerekend. Ik dacht minder,” vertelt hij nu.

Ruim acht maanden later werd Roemersma in hoger beroep vrijgesproken van vijf van de zes aanslagen. Het bewijs zou onrechtmatig verkregen zijn wegens een vormfout door de rechter-commissaris tijdens de huiszoeking. Die had de huiszoeking bij Roemersma namelijk niet officieel afgesloten. Het daar gevonden bewijs was daarmee waardeloos geworden. Roemersma kreeg alleen nog negen maanden vanwege zijn vingerafdruk bij de Elba in Schiedam en kwam na aftrek van voorarrest dus direct vrij: “Ik was verbijsterd. Ik dacht daar komt nog wel een staartje aan. Dit kan niet kloppen.” De rechercheurs van het inmiddels ontbonden LCT hadden flink de pest in over die vormfout, vertelt Thieu van Schovend: “Als je hier meer als een jaar aan gewerkt hebt, en door zo’n futiliteit de zaak moet doodbloeden en de verdachten vrij uit gaan. Dat is eigenlijk niet normaal.” Paul Martens is optimistischer: “Het beeld, zij zijn er verantwoordelijk voor. Dat is bij mij altijd blijven hangen en daar heb ik nog steeds een goed gevoel over. Dat we daar in geslaagd zijn.”

<p>Aad Kosto</p>
Aad Kosto

En het ging door

In de periode rond het proces was het stil gebleven rond RaRa, maar kort na de vrijlating van Roemersma doorbrak de groep deze stilte met een brandbomaanslag op het Shell Thermo Centrum in Hilversum. Later volgden aanslagen op Marechaussee-kazernes in Arnhem en Oldenzaal, op de ministeries van Binnenlandse Zaken en Sociale Zaken en als bekendste, op het huis van staatssecretaris Aad Kosto in november 1991. Al deze aanslagen werden opgeëist door RaRa. Maar alle vervolgonderzoeken van politie, justitie en BVD ten spijt bleven al deze aanslagen tot op de dag van vandaag onopgelost.

De vraag dringt zich uiteraard op of deze aanslagen ook door de oude RaRa-kern waren gepleegd. Of was er een nieuwe generatie opgestaan? René Roemersma blijft daar zeer vaag over. Op de vraag wat RaRa is, antwoordt hij: “Het is een concept, een idee en het heeft geen copyright. Ik denk dat er een zekere continuïteit in de logica zit.” Of het bij de nieuwe aanslagen om dezelfde mensen ging, wil hij niet zeggen.

In 1993 maakte de Binnenlandse Veiligheidsdienst de balans op van acht jaar RaRa. In een interne notitie van 68 pagina’s probeerde de dienst een profiel te schetsen. Vermoedens over wie RaRa was en hoe de groep te werk ging had de Dienst meer dan genoeg, zo blijkt uit het rapport. Maar harde bewijzen des te minder.
De BVD schreef in haar rapport dat het een aannemelijke optie is dat RaRa een cellenstructuur kent”, maar dat “over een eventuele invulling van de RaRa structuur slechts zeer summiere gegevens bekend zijn.” De BVD schreef wel dat de “ideologische en strategische inbreng berust bij de oude RaRa kern”, maar betwijfelde of die oude kern ook daadwerkelijk de bommen plaatste. “Bij de feitelijke uitvoering van de acties, te denken valt aan verkenning, het plaatsen van de bommen en het claimen van de aanslag, lijken iedere keer anderen betrokken te zijn.”

Roemersma zelf vertelt desgevraagd gesympathiseerd te hebben met die latere acties: “Vanuit dat perspectief van het vreemdelingenbeleid.” Opmerkelijk genoeg lijkt het alsof hij enige afstand neemt van de actie tegen Kosto, de enige die wel direct tegen een persoon was gericht: “Kosto was vergaand. Dat was op het randje.” Ook het nieuwe en groots opgetuigde rechercheteam dat deze aanslag moest onderzoeken kwam geen stap verder: in 1994 werden twee mannen aangehouden, die niet bij de oude kern van RaRa behoorden. Maar ruim een jaar later moest justitie de vervolging staken wegens gebrek aan bewijs en een schikking treffen van ruim 200.000 gulden.

Samenstelling en regie: Paul Ruigrok
Tekst en research: Carolien Brugsma

Geïnterviewden Bronnen
  • Frits Hoekstra, voormalig BVD medewerker
    Frits Hoekstra

    Voormalig BVD-medewerker

  • Herman van Hoogen, tweede onderzoeksleider LCT
    Herman van Hoogen

    Tweede onderzoeksleider LCT

  • Paul Martens, eerste onderzoeksleider LCT
    Paul Martens

    Eerste onderzoeksleider LCT

  • Wijnand Duyvendak, voormalig Onkruitactivist
    Wijnand Duyvendak

    Voormalig Onkruitactivist

  • René Roemersma
    René Roemersma
  • Thieu van Schovend, rechercheur LCT
    Thieu van Schovend

    Rechercheur LCT

  • Overtuiging en geweld

    Buijs, Frank, Overtuiging en geweld: Vreedzame en gewelddadige acties tegen de apartheid (Amsterdam 1995).

  • Een voet tussen de deur

    Duivenvoorden, Eric, Een voet tussen de deur: Geschiedenis van de kraakbeweging 1964-1999 (Amsterdam 2000).

  • Terreurbestrijding in Nederland 1970-1988

    Klerks, Peter, Terreurbestrijding in Nederland 1970-1988 (Amsterdam 1989).

  • Slechts handvol activisten zonder schroom terroriseert Makro’s

    “Slechts handvol activisten zonder schroom terroriseert Makro’s”, NRC Handelsblad, 16-01-1987.

  • Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis

    Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, Amsterdam.

    Bezoek website
  • Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid nacht

    Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid

    Bezoek de website hier:
  • Revolutionaire Anti Racistiese Aktie

    Binnenlandse Veiligheidsdienst, Revolutionaire Anti Racistiese Aktie. De Anti-imperialistische Stroming in Nederland, (Den Haag 1993).

    Bezoek de website hier:

Vragen?

Heeft u vragen, ideeën of opmerkingen?

Neem dan contact op met de redactie:

Meer Andere Tijden